Drie buren van verschillende leeftijden drinken samen koffie aan een keukentafel en praten met elkaar, van voren zichtbaar

Sociale contacten als je ouder wordt: waarom ze meetellen voor je gezondheid

Algemene informatie, geen medisch advies.

Bij gezond ouder worden denk je meestal aan bewegen, eten en slapen. In juni 2025 publiceerde de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) een rapport over sociale verbondenheid, waarin ze vraagt om contact met anderen even ernstig te nemen als lichamelijke en mentale gezondheid. Een koffie met de buurvrouw of een vaste wandeling met vrienden lijkt klein, maar volgens de WHO kunnen sterke sociale contacten leiden tot een betere gezondheid en een langer leven.

Het verschil tussen eenzaam en sociaal geïsoleerd zijn

De WHO maakt een duidelijk onderscheid. Sociaal isolement is meetbaar: je hebt te weinig rollen, relaties en contacten met anderen. Eenzaamheid is een gevoel: het pijnlijke verschil tussen de contacten die je hebt en de contacten die je wilt of nodig hebt. Je kan dus veel mensen zien en je toch eenzaam voelen, of weinig mensen zien en daar tevreden mee zijn.

Wat de cijfers zeggen

Volgens de WHO voelt wereldwijd ongeveer één op de zes mensen (15,8%) zich eenzaam. Sociaal isolement treft naar schatting tot één op de drie ouderen, al zijn de gegevens over isolement beperkter dan die over eenzaamheid. De WHO brengt eenzaamheid in verband met naar schatting meer dan 871.000 overlijdens per jaar, ongeveer 100 per uur. Eenzaamheid en isolement verhogen volgens de WHO het risico op een beroerte, hartziekten, diabetes, achteruitgang van het denkvermogen en vroegtijdig overlijden. Wie eenzaam is, heeft bovendien twee keer zoveel kans op een depressie.

In België nam Sciensano eenzaamheid voor het eerst op in de Gezondheidsenquête van 2023-2024. Het meet eenzaamheid met een vragenlijst van zes vragen, en een score van 2 of meer op 6 telt al als matige tot ernstige eenzaamheid. Zo kwam 48,3% van de mensen vanaf 15 jaar uit op matige tot ernstige eenzaamheid, en 11,6% op ernstige eenzaamheid (een score van 5 of 6). In Vlaanderen ging het om 45,2% en 11,6%. Ongeveer één op de acht mensen (13,3%) heeft minder dan wekelijks sociaal contact.

Ouderen voelen zich in die enquête niet vaker eenzaam dan jongere volwassenen: bij de 65- tot 74-jarigen gaat het om 47,2%, bij de 75-plussers om 42,0%. Sciensano wijst er wel op dat eerder onderzoek meer problemen op oudere leeftijd vond, en dat gezonde, actieve ouderen vaker aan zo’n enquête meedoen. Wie alleen woont, voelt zich vaker eenzaam: 54,1% tegenover 46,8% bij wie niet alleen woont. Ook bij mensen zonder diploma secundair onderwijs ligt het cijfer hoger (58,8%) dan bij mensen met een diploma hoger onderwijs (43,2%).

Momenten waarop contacten wegvallen

De WHO noemt een aantal grote veranderingen die eenzaamheid en isolement in de hand werken: verhuizen, je job verliezen, een relatiebreuk, met pensioen gaan of iemand verliezen. Ook een slechte fysieke of mentale gezondheid, alleen wonen en weinig voorzieningen in de buurt, zoals openbaar vervoer, parken of plekken om samen te komen, spelen mee.

Kleine stappen die de WHO voorstelt

Volgens de WHO kan iedereen met eenvoudige, dagelijkse stappen een verschil maken:

  • Neem zelf contact op met een vriend of vriendin die het moeilijk heeft.
  • Leg je gsm weg tijdens een gesprek, zodat je echt aandacht hebt voor de ander.
  • Groet je buren en maak eens een praatje.
  • Sluit aan bij een groep of vereniging in je buurt, of doe vrijwilligerswerk.

Je kan die stappen ook koppelen aan gewoonten die je al hebt, en bijvoorbeeld een lange wandeling in het weekend samen met een vriend of buur plannen. De Hoge Gezondheidsraad wijst in zijn voedingsaanbevelingen van 2025 op samen eten: dat bevordert het fysieke en mentale welzijn en versterkt de sociale verbondenheid. Volgens de raad telt daarbij ook een zelfgekookte maaltijd die je met anderen deelt, zoals een pot groentesoep die je voor de buren meemaakt.

Wanneer naar de arts?

Weegt eenzaamheid zwaar op je, dan is het volgens de WHO belangrijk om uit te zoeken welke hulp er bestaat. Je huisarts is daarvoor een goed eerste aanspreekpunt. De WHO noemt psychologische begeleiding, zoals training in sociale vaardigheden of cognitieve gedragstherapie (een vorm van gesprekstherapie), als een manier om contacten op te bouwen en te onderhouden. Wil je eerst anoniem met iemand praten, dan kan je dag en nacht gratis terecht bij Tele-Onthaal op het nummer 106.

Bronnen

Vergelijkbare berichten

2 reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *